De wereld in het klein is in alle opzichten een Best Verzorgd Boek. Als indirect product van de coronapandemie, waarin moeder en dochter Caroline en Gloria – geïnspireerd door biologieschriften van oma Marie – een stukje van de Krimpenerwaard leren kennen, is deze handzame pil een ode aan het hyperlokale. Ze delen hun ontmoetingen met de molenaar, de archeoloog en de jager, en leggen vast wat ze leren over spreeuwen, klompen, biodiversiteit en meer. Dat maakt het boek in de eerste plaats urgent, in een tijd van heruitvinden hoe we ons in Nederland verhouden tot de grond waarop we leven en de dieren om ons heen.
Op het gebied van ontwerp kunnen we spreken van een verbluffende subtiliteit. Exemplarisch hiervoor is het omslag dat, afgezien van zeven kleine stipjes verspreid over de band, in zwart-wit is uitgevoerd. Van de veelvoorkomende discrepantie tussen de sfeer van het binnenwerk en de omslag van inzendingen is hier geenszins sprake.
Eenmaal binnen hebben we te maken met een stramien dat uitzondering toelaat, wat vaak leidt tot kleine verrassingen. In het verlengde van het omslag wordt het binnenwerk samengehouden door subtiel kleurgebruik: over de schutbladen, hoofdstuktitelpagina’s en de koppen in de bovenmarge loopt een en hetzelfde kleurverloop (gradient) door.
De variëteit in (typen) tekst, illustraties en foto’s is groot; dat deze prachtig in elkaar vervlochten zijn geraakt is te danken aan sterke (beeld)redactie, verfijnd ontwerp en goede lithografie. Deze naadloos aaneengeschakelde collectie verhalen en beelden zit vol verrassingen, leest heerlijk weg en brengt waarschijnlijk maar weinig tijd in je kast door.

